Nationale dagen: ik doe er mijn plasje overheen

Ik vond het vroeger best overzichtelijk. We vierden moeder- én vaderdag, waarvoor je de allermooiste knutselwerken maakte. Er was een dierendag, waarop het konijn meeging naar school en de kat thuis de boterhamworst van je brood mocht eten. En uiteraard was er jaarlijks – vooral in de puberjaren zeer favoriet – de oh zo spannende Valentijnsdag.

Tegenwoordig kun je het zo gek niet bedenken of er is wel een dag voor in het leven geroepen. Vooruit: als secretaresse krijg je in april een bloemetje van de baas, omdat je onmisbaar bent. En op 1 december staan we extra stil bij Aids. Helemaal prima.

Vandaag de dag lijkt iedereen echter een ‘dag’ te claimen. In maart is er een Nationale Pannenkoekdag. Nu ken ik mensen die daar helemaal geen moeite mee hebben, maar ik vraag me wel af: wat is hier het nut van? Verder is er in mei een handdoekdag, in oktober een nationale coming-outdag en in november een wereld televisiedag. En vandaag was het nationale plasdag. Echt, ik heb ’t gegoogled. En jawel; op kleineboodschap.nl staat dat de Continentie Stichting Nederland plasklachten beter bespreekbaar wil maken en daarom een nationale plasdag in het leven heeft geroepen. Dat we het maar even weten.

Dus, wie zijn hart – of liever gezegd zijn blaas – wil luchten, het kan vandaag.

Nationale plasdag